Bladluis is een van de meest voorkomende plaaginsecten in de tuin en de moestuin. Deze kleine, sapzuigende insecten tasten planten aan door plantsap op te zuigen, waardoor blaadjes gaan krullen, vergelen of vervormd groeien. Gelukkig is bladluis goed te herkennen en zijn er verschillende manieren om er iets aan te doen, van simpele handgrepen tot het inzetten van natuurlijke vijanden.
Wat is bladluis en hoe herken je het?
Bladluizen zijn kleine insecten van meestal 1 tot 3 millimeter groot. Ze komen voor in veel verschillende kleuren: groen, zwart, geel, roze of grijs. Welke soort je tegenkomt, hangt af van de plant. Op rozen zie je vaak groene of zwarte luizen, op bonenplanten de zwarte bonenluis en op appelbomen de appelbloedluis.
Je herkent een aantasting aan de volgende signalen:
- Krullende, vervormde of plakkerige bladeren
- Kleine insecten op de onderkant van bladeren of op jonge scheuten
- Een kleverige laag op bladeren of fruit (honingdauw)
- Zwart aangeslagen bladeren door roetdauwschimmel die op de honingdauw groeit
- Mieren die de plant oplopen, want mieren beschermen bladluis om de honingdauw te “melken”
Bladluizen vermenigvuldigen zich razendsnel. Een vrouwtje kan zonder bevruchting tientallen jongen per dag voortbrengen. Onder gunstige omstandigheden kan een kleine kolonie in enkele weken uitgroeien tot een enorme plaag, zeker bij warm en droog weer.
Welke schade veroorzaken luizen aan planten?
De schade door bladluis is tweeledig. Ten eerste zuigen ze plantsap weg, waardoor de plant verzwakt. Jonge scheuten en toppen zijn het kwetsbaarst: die groeien scheef of stoppen tijdelijk met groeien. Ten tweede scheiden bladluizen honingdauw uit, een kleverige stof waarop roetdauwschimmel zich vestigt. Die schimmel blokkeert het zonlicht op het blad en remt de fotosynthese.
Bij een lichte aantasting herstelt een gezonde plant zich vaak vanzelf. Bij een zware besmetting kan de groei blijvend achterblijven en kan vruchtvorming uitblijven. Kwetsbare gewassen zoals bonen, rozen en courgettes merken bladluizen het snelst.
Bladluis bestrijden: van mild naar intensief
Er is niet één aanpak die altijd werkt. Begin altijd met de meest voorzichtige methode en stap pas over op een zwaardere aanpak als het echt nodig is.
Stap 1: handmatig verwijderen. Spuit de luizen van de plant met een krachtige straal water uit de tuinslang. Doe dit aan het begin van de dag zodat de plant daarna kan opdrogen. Op kleinere planten kun je de luizen ook wegvegen met je vingers of een zachte doek.
Stap 2: insectenzeep of groene zeep. Los een paar theelepels groene zeep op in een liter water en spuit de aangetaste delen in. De zeep tast de waslaag van de bladluis aan, waardoor het insect uitdroogt. Herhaal dit elke twee tot drie dagen totdat de aantasting weg is. Spuit bij voorkeur ’s avonds om verbranding van bladeren te voorkomen.
Stap 3: neemazaadolie. Dit middel op basis van de neeemboom werkt als groeiremmer voor bladluis en andere zachthuidigen. Het is op zichzelf niet giftig voor bijen als je het toepast buiten bloeitijden en bij afwezigheid van bloemen. Meng het volgens de verpakking en spuit de onderkant van de bladeren goed in.
Stap 4: biologische bestrijdingsmiddelen. Voor ernstige aantastingen zijn er toegelaten biologische middelen beschikbaar, zoals preparaten op basis van pyrethrine. Controleer voor gebruik altijd of het middel is toegelaten voor de betreffende teelt en omgeving, zeker in de moestuin.
Natuurlijke vijanden inzetten
De natuur heeft zelf een oplossing voor bladluis: predatoren. Lieveheersbeestjes, gaasvliegen, zweefvliegen en sluipwespen zijn stuk voor stuk effectieve bestrijders. Eén lieveheersbeestje eet wel honderd bladluizen per dag. Door een gevarieerde tuin te maken met bloemen zoals afrikaantjes, kamille en korenbloemen, lok je deze nuttige dieren aan.
Sluipwespen (Aphidius-soorten) zijn ook verkrijgbaar bij tuincentra en webwinkels. Ze leggen hun eitje in de bladluis, waarna de larve de luis van binnenuit opeet. Dit klinkt drastisch, maar het is een doeltreffende en milieuvriendelijke aanpak, zeker in kassen of afgesloten tuinen.
Mieren bestrijden helpt ook
Mieren beschermen bladluizen actief tegen hun vijanden, omdat ze de honingdauw willen eten. Als je merkt dat er veel mieren langs je plantenstengels omhooggaan, pak dan eerst de mieren aan. Wikkel een stuk plakband (kleverige kant naar buiten) rond de stengel of gebruik een speciaal miermiddel aan de voet van de plant. Zonder bescherming van mieren zijn bladluizen een makkelijkere prooi voor lieveheersbeestjes en andere insecten.
Voorkomen is beter dan genezen
Een gezonde, goed gevoede plant heeft meer weerstand tegen bladluis. Geef planten niet te veel stikstofrijke mest, want daardoor groeien zachte, smakelijke scheuten die bladluizen extra aantrekken. Plant sterke gewassen als tussenteelt, zoals basilicum of peterselie, die bladluis afschrikken. Controleer je planten wekelijks, zeker in het voorjaar en de vroege zomer als bladluizen het actiefst zijn. Vroeg ingrijpen voorkomt dat een kleine kolonie uitgroeit tot een probleem.
Bladluis is lastig, maar goed te hanteren als je er op tijd bij bent. Begin met water en zeep, ondersteun de natuur met bloemen en nuttige insecten, en grijp alleen naar chemische middelen als het echt niet anders kan. Zo houd je de tuin in balans zonder onnodige schade aan de rest van het tuinecosysteem.



