Waar komen slakken vandaan? Zo vinden ze jouw tuin

Slakken komen voornamelijk uit de bodem, uit composthopen, uit aangrenzende tuinen en uit vochtige schuilplaatsen vlak bij jouw moestuin of borders. Ze zijn er altijd al geweest, maar je ziet ze pas als de omstandigheden kloppen: vochtig weer, milde temperaturen en genoeg voedsel. Dan komen ze massaal tevoorschijn, soms schijnbaar uit het niets.

De vraag “waar komen slakken vandaan?” gaat eigenlijk twee kanten op. Ten eerste: waar leven ze overdag? En ten tweede: hoe komen ze jouw tuin binnen? Beide vragen hebben een concreet antwoord.

Waar verblijven slakken overdag?

Slakken zijn nachtdieren en mijden droogte en direct zonlicht. Overdag verschuilen ze zich op plekken die vochtig, koel en donker zijn. Denk aan:

  • Onder stenen, tegels of plantenpotten
  • In composthopen en rottend plantenmateriaal
  • Onder dikke lagen mulch of bladeren
  • In de toplaag van de grond zelf
  • Achter planken, houten schuttingen of bloembakken

De aardslak (een naaktslak zonder schelp) leeft een groot deel van zijn leven ondergronds. Hij legt eieren in de bodem op een diepte van enkele centimeters. Die eieren zijn klein, rond en parelachtig wit. In warme, vochtige grond kunnen ze binnen twee tot vier weken uitkomen. Omdat dit volledig uit het zicht gebeurt, lijkt het alsof de jonge slakjes ineens overal vandaan komen.

Waar komen slakken vandaan als je tuin er plotseling vol mee zit?

Als je na een regenbui opeens tientallen slakken ziet, zijn die er niet zomaar bij gekomen. Ze waren er al, maar verstopt. Regen en hoge luchtvochtigheid zijn het signaal om actief te worden. Slakken verplaatsen zich ’s nachts actief op zoek naar voedsel en leggen daarbij afstanden af van tientallen meters. Via aangrenzende tuinen, over schuttingen heen of gewoon door de grond kruipen ze jouw tuin in.

Een andere bron zijn nieuwe planten die je koopt bij een tuincentrum of kwekerij. Op de potkluit of tussen de wortels kunnen eitjes of jonge slakken zitten. Je brengt ze dan onbewust zelf naar binnen. Hetzelfde geldt voor verse compost of grond die je aanvoert.

Welke soorten slakken vind je het meest in de tuin?

In Nederlandse tuinen zijn het vooral naaktslakken die voor overlast zorgen. De Spaanse wegslak (Arion vulgaris) is de bekendste boosdoener. Hij is groot, roodbruin tot bijna zwart, en eet vrijwel alles. Naast naaktslakken vind je ook huisjesslakken, zoals de gewone tuinslak (Cornu aspersum). Die zijn minder destructief omdat ze minder snel in groten getale vermenigvuldigen.

De Spaanse wegslak is in de loop van de twintigste eeuw vanuit zuidwest-Europa naar Nederland gekomen, vermoedelijk via planttransport en handel. Hij heeft nauwelijks natuurlijke vijanden hier, wat zijn verspreiding heeft versneld.

Waarom zijn er soms ineens veel meer slakken dan andere jaren?

Het aantal slakken in een tuin hangt sterk af van het weer van de voorafgaande maanden. Een zachte, natte winter betekent dat meer eieren overleven en meer volwassen slakken de winter doorkomen. Bij een droge, koude winter sterft een groot deel van de populatie af. Ook de hoeveelheid schuilplaatsen in een tuin speelt mee: hoe meer mulch, stapels hout, tegels en dicht bladergewas, hoe meer slakken een geschikte leefomgeving vinden.

Als je jouw tuin iets droger en opgeruimder houdt, verwijder je automatisch een deel van de aantrekkingskracht. Schuilplaatsen wegnemen is vaak effectiever dan na het feit bestrijden.

Slakken verdwijnen nooit volledig uit een tuin, en dat hoeft ook niet. Ze spelen een rol in het afbreken van dood plantenmateriaal. De overlast begint pas als de balans doorslaat, en die balans hangt bijna altijd samen met vochtigheid, warmte en de hoeveelheid eten en schuilgelegenheid die jouw tuin biedt.

Scroll naar boven